Walvisboek

Het allereerste boek over walvissen uit de geschiedenis is half-wetenschappelijk en half-legendarisch. Het is van een opmerkelijke schoonheid en van grote waarde.

Wat doet een viskoopman, strandjutter, verzamelaar en amateur-bioloog uit de zestiende eeuw als in 1577 een potvis aanspoelt nabij Doel? Hij documenteert het schouwspel en voegt er gegevens van andere aangespoelde vissen, walvissen en zeedieren aan toe, aangevuld met verhalen over monsters en meerminnen die verteld werden door vissers en zeelieden.

Het resultaat is het Walvisboek van Adriaen Coenen. Een uniek stuk. Het is een van de oudste Nederlandse geschriften over wezens in de zee, en het werd eerst bewaard in de Antwerpse Zoo. Het kwam samen met de antiquarische collectie van de Zoo naar de Erfgoedbilbiotheek, die deze collectie als een permanente bruikleen bewaart en beheert.

De 125 folio’s van het boek zijn volledig met de hand geschreven én geïllustreerd. Elke bladzijde is een kunstwerk op zich, met prachtige tekeningen van poelompen (octopussen), butskoppen (tandwalvissen) en vijfvoeten (zeesterren). De gebruikte taal is ongekunsteld, naïef en vaak grammaticaal erg beperkt. Maar de woordenschat is bijzonder levendig en schilderachtig. Charmant in zijn eenvoud.

Coenens werk is een vaste waarde in de geschiedenis van de zestiende-eeuwse natuurwetenschap én geeft via de talrijke feiten en anekdoten een uniek inzicht in de zeden en gewoonten van zijn tijd.

Het Walvisboek werd opgenomen in de Vlaamse Topstukkenlijst.

Digitaal beschikbaar

Pagina uit het Walvisboek van Adriaen Coenen

Meld je aan voor onze nieuwsbrief