Digitaal grasduinen door de Nederlandse letteren

De Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren, of kortweg DBNL, is een digitale schatkamer met duizenden teksten uit de Nederlandstalige literatuur- en cultuurgeschiedenis. Je vindt er niet alleen klassiekers zoals 'Houtekiet' (1939) van Gerard Walschap of 'Lof der zotheid' (1509) van Erasmus, maar ook informatie over schrijvers en literatuur in tijdschriften, auteursbiografieën en wetenschappelijke studies. Deze werken vertegenwoordigen het volledige Nederlandse taalgebied, dus niet enkel Nederland en Vlaanderen. Dankzij dit rijke aanbod bereikt de DBNL jaarlijks miljoenen bezoekers wereldwijd.

Auteur: Sarah Fierens, projectleider DBNL Vlaanderen bij de Vlaamse Erfgoedbibliotheken vzw

De DBNL hanteert hoge standaarden bij de digitalisering van teksten, wat de collectie interessant maakt voor professioneel onderzoek. Maar ook wie wil grasduinen in de rijke geschiedenis van de Nederlandstalige letteren heeft met de collectie een handig vertrekpunt. De DBNL helpt haar gebruikers bij dat grasduinen door tools aan te bieden zoals de Atlas en het Calendarium, die de collectie benaderen via kaarten en datums. Zo krijg je een unieke dwarssnede van onze taal- en letterkunde en ontdek je verbanden tussen teksten die je eerder niet opmerkte.

Als je in de DBNL op ‘Antwerpen’ zoekt krijg je een staalkaart van het rijke Antwerpse literaire en culturele verleden. Het zoekresultaat toont bekende klassiekers van en over Antwerpen zoals In ’t wonderjaer (1837) van Hendrik Conscience, het Antwerps liedboek (1544) en Mariken van Nieumeghen (ca. 1515). Maar je vindt ook minder bekende namen zoals Hilda Ram, die in Schetsen, novellen en vertellingen (1903) Antwerpse volksverhalen en -figuren zoals de Lange Wapper weer tot leven brengt. Misschien wil je meer weten over  de geschiedenis van de vele rederijkerskamers van Antwerpen, waarvan de namen ‘de Olijftak’, ‘de Violieren’ en ‘de Goudbloem’ al tot de verbeelding spreken? Of misschien wil je proeven van de vele poëtische odes aan de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal? De lofrede van de hand van Kuno, in 1887 verschenen in het tijdschrift Nederlandsch Museum, is een mooi voorbeeld. Kuno sluit af met de woorden “mijn koningin van kant, zij was … Antwerpen’s ranke toren”.

De term ‘Antwerpen’ leidt niet alleen naar literaire werken, maar ook naar taalkundige en geschiedkundige studies. Brieven en dagboeken uit beide wereldoorlogen van schrijvers en burgers in en rond de stad, een taalkundig boek waarin de namen van Antwerpse straten en pleinen etymologisch worden verklaard, ook dat biedt de DBNL. Met één term, plaats- of auteursnaam kan je dus uren ronddwalen in de DBNL en verborgen parels in een uithoek van deze immense schatkamer ontdekken.

De DBNL is een samenwerking tussen de Vlaamse Erfgoedbibliotheken vzw, de Koninklijke Bibliotheek van Nederland en de Taalunie. De Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience is een belangrijke partner voor de DBNL: recent werden ongeveer honderdtwintig monografieën en verschillende jaargangen van een veertigtal tijdschriften uit haar collectie gedigitaliseerd en aan de DBNL toegevoegd.

Meld je aan voor onze nieuwsbrief